Serveerster wordt koffiegigant

Gepubliceerd in Oneworld, in maart 2012

Dat we in Nederland steeds meer koffie met een keurmerk drinken, levert de boeren in Honduras geen windeieren. Ze vinden alleen nog wel wat coyotes op de weg.

Norma Jimenez (35) werkte als illegaal in een Amerikaanse pastabar. Toen haar vader haar aanbood om een deel van zijn koffieboerderij in Honduras te erven, keerde ze meteen terug naar haar geboorteland en werd ondernemer. Vijf jaar later gaat het haar bedrijf Buena Vista voor de wind. Bloeiende koffiebomen tekenen de rand van een prachtig vergezicht over de bergen van Comayagua, in centraal-Honduras. Norma kreeg via UTZ technische raad en mestkeuze-adviezen op basis van een bodemanalyse. Ze volgde verplichte trainingen waarmee ze orde op zaken kon stellen op haar boerderij. Dat is een kernpunt van UTZ: boeren helpen hun bedrijf te professionaliseren.

“Dankzij UTZ heb ik het management over mijn bedrijf enorm verbeterd”, vertelt Norma Jimenez in de brandende zon. “En ik krijg betere prijzen voor mijn koffie.”

Keurmerk UTZ CERTIFIED is in 1999 opgericht door Guatemalteekse koffieproducenten en het Nederlandse Ahold. UTZ betekent ‘goed’in Mayataal. Zo’n 23 landen produceren nu UTZ-gecertificeerde koffie die in ruim vijftig landen te koop is voor consumenten. In Nederland wordt bijna 40 procent van de koffie met een keurmerk verkocht. Het meeste daarvan is gecertificeerd door UTZ. Onder meer Douwe Egberts, Van Nelle en Senseo koffie verkopen het. Die pakken zijn te herkennen aan een logo.

UTZ moedigt boeren aan om hun boerderij te zien als business en zicht te krijgen op de kosten die ze maken, de tijd die ze investeren en de opbrengst. Soms kunnen ze hun bedrijfsvoering sterk verbeteren met simpele ingrepen: kippen de keuken uit, machines goed schoonmaken en pesticiden veilig opslaan. Boeren die een UTZ-certificaat willen bemachtigen, moeten ook aan sociale eisen voldoen, zoals minimumlonen, onderwijs en gezondheidszorg voor alle werknemers. Ook op milieugebied gelden voorwaarden: zuinig omspringen met kunstmest, afvalwater netjes verwerken, geen oerbos kappen, energieverbruik beperken en erosie voorkomen.

 

Koffiebessen plukken

Honduras is een echt koffieland. Na de oogst van seizoen 2010/2011 exporteerde Honduras voor 1,2 miljard dollar aan koffie. (Zo’n 15 procent daarvan is gecertificeerd. Een kwart daarvan heeft het UTZ keurmerk.) Bijna een derde van de bevolking werkt in de koffie. Ongeveer de helft van de acht miljoen Hondurezen leeft in extreme armoede. Ook Norma, de oudste dochter in een gezin met negen kinderen, zag weinig kansen om vooruit te komen. Daarom reisde ze tien jaar geleden zonder verblijfsvergunning naar de Verenigde Staten. Twee van haar drie kinderen zijn in Amerika geboren, maar Norma besloot hen te laten opgroeien bij hun grootouders in Honduras. Ze miste ze erg. Toen haar vader vroeg of ze 4,5 hectare van zijn land wilde erven, op voorwaarde dat ze definitief naar huis kwam, zei ze dus meteen ‘ja’. Norma is een van de weinige boerinnen die zelf land bezitten. In het begin was de-baas-zijn en als zodanig gerespecteerd worden, een uitdaging. “Ik wist alleen hoe ik koffiebessen moest plukken, de rest heb ik later geleerd.”

Norma moest een aantal investeringen doen om aan alle UTZ-standaarden te voldoen. Daarin zag ze geen risico. “Nee, ik wist dat ik die zou terugverdienen. Ik produceer met nu minder kosten meer en betere koffie. De opbrengst is gestegen van negen naar twintig zakken per manzana (van 12,9 naar 28,5 zakken per hectare, red.).”

“UTZ garandeert boeren geen minimumprijzen”, legt Miguel Gamboa uit. Hij werkt in Guatemala voor UTZ Kapeh, dat trainingen organiseert voor boeren die met het keurmerk willen werken. “Toch kunnen koffieboeren verwachten dat ze met UTZ-certificering meer verdienen, omdat de kwaliteit van hun koffie verbetert en de productiviteit stijgt. Daarbij kunnen boeren ook nog met de koper onderhandelen over een premium: een bonus boven op de gangbare prijs, van twee tot tien dollar per zak ofwel 4,3 tot 21,7 dollarcent per kilo.”

 

Speculerende tussenhandelaren

De doorsnee-boer (95%) in Honduras bezit niet meer dan 1 of 2 hectare grond. Het stukje land van adjunct-directeur van Cocatral Neptaly Ramirez en zijn vrouw Maria Rosa in de Santa Barbara-regio, ligt ver van de geasfalteerde wegen. Er is geen elektriciteit of gas. Maria Rosa kookt onder een afdakje op stookhout. Ze hebben het niet breed, maar redden zich wel. Ze brengen zeven kinderen groot; een van hen speelt op een crossfiets. Een hoogzwangere hulp veegt de patio aan. Of ze nerveus is voor de bevalling? “Nee hoor,” straalt zij. “Het ziekenhuis is vlakbij.”

Neptaly en Maria Rosa spreiden hun kansen door naast koffie ook maïs en komkommers te verbouwen. Even verderop staan twee stallen. Maria Rosa mag bijna geen tanden meer hebben, ze heeft een rechte rug. Trots laat ze de verslaggever de pasgeboren biggetjes zien.

“Deze familie pakt het goed aan”, vindt Noreyda Padill, de inspecteur van coöperatie Cocatral waarbij ze zijn aangesloten. “Zo zijn ze minder afhankelijk van het geld dat familieleden in de Verenigde Staten, of van drugssmokkelaars die mooie, dure hacienda’s bouwen.”

Boeren sluiten zich aan bij een coöperatie om zichzelf te beschermen tegen speculerende tussenhandelaren die al te scherpe prijzen afdwingen. Bij Cocatral zijn 196 kleine boeren aangesloten. Onder hen 25 echtgenotes van boeren, omdat bestuurslid Noreyda Alvarado Padill zoveel mogelijk boerinnen wil betrekken bij de coöperatie. Met haar 22 jaar is Noreyda de jongste werknemer van Cocatral, maar ze wordt door de andere bestuursleden duidelijk serieus genomen en gewaardeerd om haar kennis van zaken.

 

Bacteriën

Op het terrein van de coöperatie staat een molen waar boeren hun pas geoogste koffie kunnen wassen. Cocatral heeft geen auto. Boeren vervoeren hun zakken vol koffiebessen met ezeltjes of paarden. Vervolgens klimmen de boeren met de koffiebalen op hun nek een gammele houten trap op en legen de zakken in de grote stalen trechter van de molen. De koffiebessen moeten binnen een etmaal na de pluk ontdaan worden van hun buitenste laag, om te veel gisting te voorkomen. Beige koffiebonen –met kaf- liggen te drogen in de zon. Drie jongens husselen ze met sneeuwschuivers.
Noreyda legt uit dat ze geen andere optie hebben dan hun koffie wassen met water uit een beekje waarop ook hoger gelegen huishoudens en boeren hun afvalwater lozen. Na gebruik gaat het water naar drie oxidatiepoelen waar bacteriën het schoner maken. Cocatral doet dit onder druk van het lokale bestuur, maar ook uit verantwoordelijkheidsgevoel voor het milieu. Noreyda: “We houden van de natuur en zetten ons graag in voor onze gemeenschap.”

 

Schoon water

De boeren van Cocatral werken Organic gecertificeerd. Ze gebruiken dus geen pesticiden, waardoor vergiftiging door chemicaliën hen bespaard blijft. Noreyda vertelt dat Cocatral zich had aangemeld voor een UTZ-certificaat, maar de voordelen wogen niet op tegen de kosten. Ze konden een training krijgen, maar die was uren rijden bij hen vandaan en er was niemand die ze kon brengen. Cocatral wil een kanalisatiesysteem aanleggen om schoon water uit de bergen halen voor het wassen van de koffie. UTZ had eventueel kunnen helpen bij het vinden van investeerders, maar de deal kwam nooit van de grond. Onder meer omdat Neptaly en Noreyda de UTZ-bezoeker uit buurland Guatemala maar een arrogante kwast vonden. Neptaly: “Hij vond de bestuursleden niet capabel. Dat deed zeer. We zijn nog wel verkozen door de leden.”

Desgevraagd, achteraf, zegt een woordvoerder van UTZ in Nederland dat er volgens hun administratie geen UTZ-vertegenwoordiger bij deze coöperatie op bezoek is geweest. UTZ vermoedt dat Cocatral bezoek heeft gehad van een onafhankelijke organisatie die na inspectie certificaten verstrekt. UTZ wil graag contact met de coöperatie opnemen om van dit geval te kunnen leren. Mogelijk vinden de partijen elkaar alsnog, want hulp is nog steeds welkom, erkent Cocatral.

 

Smokkelen

Agro-ecologisch wetenschapper Ernesto Mendez van de Universiteit van Vermont deed onderzoek naar de effecten van de keurmerken Fairtrade en Organic op de koffiesector in Midden-Amerika. Boeren met een certificaat hebben een iets hoger inkomen en werken duurzamer, maar op onderwijs- en migratiecijfers heeft het weinig effect. Een probleem is dat de boeren vaak slechts minder dan de helft van hun koffie gecertificeerd kunnen verkopen.

“Dan verkopen ze hun koffie aan andere handelaren, waardoor het keurmerk verloren gaat”, vertelt Miguel Gamboa van UTZ Kapeh. UTZ certified stimuleert koffiebranders om hun koffie in te kopen, maar handelt zelf niet en kan dus geen afname garanderen.

Het komt voor dat tussenhandelaren afdwingen dat zij een flink deel van de koffie mogen kopen tegen prijzen die zij zelf bepalen. Boeren noemen deze tussenhandelaren coyotes (‘jakhalzen’). Ze verwerven macht door leningen te verstrekken aan koffieboeren die krap zitten. Een keurmerk blijkt dus niet zaligmakend, maar helpt ondernemers wel een stap vooruit.

Norma heeft in ieder geval profijt van haar UTZ-certificaat. Ze rijdt tegenwoordig rond in een fourwheeldrive, en heeft extra land gekocht. Ze bezit inmiddels 20 manzana (14 hectare). Ze heeft vijftien vaste werknemers in dienst, en ruim dertig seizoensarbeiders. Het geld dat ze overhoudt, zet ze apart voor de studie van haar kinderen. Of ze gelukkig is? Stralend: “Meer dan.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *